Logo Voion

Scenariomodel-VO

Veel gestelde vragen

V: De printmarges van de rapportages kloppen niet. Wat kan ik hieraan doen?
A: Dit heeft te maken met de standaardinstellingen van uw computer.

V: De prognosecijfers wijken af van andere bronnen. Wat betekent dit?
A: Tussen prognosemodellen kunnen de aannames over de bevolkingsprognose als over de leerling stromen van elkaar verschillen. Het scenariomodel VO gaat in het basisscenario uit van de veronderstelling dat er geen wijzigingen optreden in de mate waarin kinderen naar school gaan of in de mate waarin kinderen uit het ene postcodegebied kiezen voor een bepaalde school. Deze aannames kunnen afwijken van andere bronnen of van uw eigen aannames over toekomstige wijzigingen over bevolkingsontwikkeling of leerling stromen. Daarom kunnen gebruikers van het scenariomodel ook hun eigen bevolkingsprognose doorrekenen bij het werken met scenario’s. Bij het opstellen van eigen scenario’s kunt u alternatieve aannames die aan de basisprognose ten grondslag liggen aanpassen. Als u bijvoorbeeld kennis hebt over toekomstige nieuwbouw in de omgeving van de school, dan kunt u dit doorrekenen door de bevolkingsprognose en het marktaandeel in die postcodegebieden aan te passen. U krijgt dan inzicht in de bandbreedte van de verwachte leerlingaantallen en -bekostiging.

V: De realisatiegegevens over mijn leerlingen / formatie in het model komen niet overeen met mijn cijfers
A: Voor de personeel- en leerling gegevens wordt gebruik gemaakt van invoerbestanden afkomstig van DUO. De peildatum hiervan is 1 oktober van het meest recente jaar in uw prognose. Deze data wordt altijd met enige vertraging beschikbaar gesteld voordat wij het model kunnen actualiseren. De getallen uit het meest recente jaar zijn voorlopige cijfers (de verschuivingen na 1 oktober worden een jaar later met terugwerkende kracht bijgewerkt). De formatiedata is aangeleverd door uw salarisverwerker aan DUO. Het kan voorkomen dat die administratie fouten bevat. Het is mogelijk om zowel de formatiedata als de leerling tellingen te overschrijven.

V: Hoe betrouwbaar is het model?
A: De betrouwbaarheid van het model hangt samen met de betrouwbaarheid van de invoer van het model en van de veronderstellingen waarmee wordt gerekend. De invoerbestanden van het model zijn afkomstig van DUO en het CBS. Om te voorspellen hoeveel kinderen er in de toekomst naar school gaan wordt de regionale bevolkingsprognose van het CBS en PBL gebruikt. Een bevolkingsprognose heeft altijd een zekere onzekerheid en daarom kunnen gebruikers van het rekenmodel ook hun eigen bevolkingsprognose doorrekenen met het model. Het model gaat voor de basisprognose uit van de veronderstelling dat er geen wijzigingen optreden in de mate waarin kinderen naar school gaan of in de mate waarin kinderen uit het ene postcodegebied kiezen voor een bepaalde school, maar ook dit kan gewijzigd worden door gebruikers van het rekenmodel.

V: Hoe kan ik de GGL veranderen?
A: Het model hanteert standaard de landelijke Gewogen Gemiddelde Leeftijd voor alle scholen. Als u werkt met scenario’s kunt u de schoolspecifieke GGL van het personeel per BRIN aanpassen, op peildatum 1 oktober. Dit kunt u doen bij de optie ‘bewerk scenario’.

V: Hoe verhoudt het scenariomodel zich tot Strategische personeelsplanning?
A: Strategische personeelsplanning is een methodiek voor meerjarig HRM-beleid. Het scenariomodel leent zich uitstekend als input voor deze methodiek, bijvoorbeeld voor het maken van een omgevingsscan op de toekomst. Zo kunnen bijvoorbeeld de gegevens afkomstig uit het scenariomodel, zoals het verwacht aantal leerlingen en de verwachte bekostiging, ondersteuning bieden bij het ontwikkelen van een meerjaren strategisch personeelsplan.

V: Hoe werkt het model?
A: Het model gaat uit van een basisprognose waarin de uitkomsten staan van de bevolkings-, leerlingen- en bekostigingsprognose. Het scenariomodel biedt de mogelijkheid verschillende varianten door te rekenen door het maken van scenario’s. Om deze scenario’s te maken, kunt u bepaalde aannames met uw lokale kennis veranderen. Zo kunt u intuïtief de slag. In de technische toelichting wordt het model nader toegelicht. Deze kunt u downloaden op de homepage.

V: Is het scenariomodel ook bedoeld voor het speciaal (basis) onderwijs?
A: Het scenario beperkt zich op dit moment enkel tot het reguliere basisonderwijs. Het speciaal (basis) onderwijs (s(b)o) is buiten beschouwing gelaten, even als de internationale scholen en de scholen voor ‘varende kinderen’. Eventuele doorontwikkeling van een instrument voor het s(b)o volgt in de toekomst.

V: Mag ik de cijfers van het scenariomodel publiceren?
A: Alle rechten, waaronder alle intellectuele eigendomsrechten op alle inhoudelijke informatie en het beeldmateriaal op de website, blijven te allen tijde voorbehouden aan het Arbeidsmarktplatform VO. Publiceren van data afkomstig van het scenariomodel is alleen toegestaan met gebruik van de bronvermelding. Neem hiervoor contact met ons op. Klik hiervoor op de Disclaimer links onderaan in beeld.

V: Rekent het model met schooljaren of met kalenderjaren?
A: Het model rekent met schooljaren. Waar in de rapporten het jaartal 2012 staat moet dat worden gelezen als schooljaar 2012-2013 enzovoorts. In de rapporten met de bevolkingsprognose betreft het echter kalenderjaren.

V: Van welke data wordt gebruik gemaakt?
A: In het model maken we gebruik van formatie- en (leerling)teldata van DUO, van de regionale bevolkingsprognose van het CBS/PBL en van bevolkingsgegevens van het CBS. Lees meer over de brondata in de technische toelichting, te downloaden op de homepage.
De gegevens in de prognoserapportages zijn afkomstig van verschillende bronnen en hebben daarom andere peildata. Onderstaand schema geeft een overzicht van de gebruikte bronnen en de daarbij behorende peildata. De meest recent gebruikte bestanden worden inzichtelijk gemaakt op de overzichtspagina van de basisprognose.

BronSoort gegevensPeildatum
DuoLeerlinggegevens1 oktober
DuoFormatiegegevens1 oktober
DuoGegevens over de locatie van scholen/vestigingen1 oktober
CBSBevolkingsgegevens1 januari
CBSBevolkingsgegevens, naar leeftijd en gemeente1 januari
PBLBevolkingsprognose Tweejaarlijkse prognose. In de tussenliggende jaren worden de gegevens geactualiseerd met de meest recente actualisatiecijfers van de bevolkingsontwikkeling.

V: Waarom is gekozen voor de indeling in postcodegebieden (pc4) en niet voor wijk- en buurtcombinaties (pc6)?
A: Dit heeft te maken met de beschikbaarheid van data. Veel gegevens die het model nodig heeft om te kunnen rekenen zijn wel beschikbaar op postcode-niveau (4 cijfers), maar niet op het niveau van de wijk- en buurtcombinaties (4 cijfers + 2 letters).

V: Waarom wordt het aantal leerlingen bij enkele postcodegebieden afgerond op 5-tallen?
A: Indien er minder dan 5 kinderen voorkomen in een postcodegebied, wordt het aantal afgerond naar 0 of 5. Dit is op verzoek van het CBS, dat de data voor dit overzicht heeft geleverd. In het rekenmodel wordt echter, op de achtergrond, wel gerekend met de niet-afgeronde aantallen.

V: Wanneer wordt het scenariomodel geactualiseerd?
A: Het scenariomodel VO wordt geactualiseerd op basis van de laatstverschenen gegevens. Hier kan enige vertraging in optreden voordat de cijfers beschikbaar zijn. Welke versie van het rekenmodel en de diverse bronnen in het model zijn verwerkt, kunt u zien op de homepage.

V: Wat is de ‘basisgeneratie’?
A: De basisgeneratie voor het voortgezet onderwijs bestaat uit de helft van de bevolking van 12 en 13 jaar, de referentieleeftijd voor het voortgezet onderwijs.

V: Wat is een RPA?
A: Een RPA is een gebied afgebakend door de Regionale Platforms Arbeidsmarkt voor informatie over de arbeidsmarkt. Iedere gemeente is toegewezen aan een bepaald RPA-gebied. De 34 RPA-gebieden zijn in 2002 afgeleid uit 131 werkgebieden van de Centrums voor Werk en Inkomen (CWI). Veelal zijn deze gebieden kleiner dan provincie-niveau en daardoor interessanter als benchmarkgebied voor een bestuur. Als u wilt weten onder welk RPA-gebied de gemeente valt die u zoekt, kunt u die vinden via de website van het CBS.

V: Wat is een samenwerkingsverband?
A: Een samenwerkingsverband is een samenwerking tussen verschillende scholen om alle kinderen een passende onderwijsplek te bieden. Het samenwerkingsverband maakt afspraken over welke begeleiding de reguliere scholen bieden, welke kinderen een plek krijgen in het (voorgezet) speciaal onderwijs ((v)so) en over de verdeling van de ondersteuningsmiddelen. In de huidige situatie werken alle basisscholen en speciale scholen voor het basisonderwijs samen in cira 240 samenwerkingsverbanden. Bekijk de samenwerkingsverbanden (SWV) in het passend onderwijs volgens de definitieve regio-indeling die op 1 januari 2013 is ingegaan. http://swv.passendonderwijs.nl/

V: Zijn fusies in het model verwerkt?
A: Ja, fusies van scholen en/of vestigingen zijn door ons verwerkt in het model.

V: Zijn mijn scenario’s zichtbaar voor anderen?
A: Nee. Alle door u ingevoerde scenario’s zijn niet zichtbaar voor anderen. Uw persoonlijke inlogcode zorgt er voor dat alleen u toegang hebt tot de scenario’s.

Privacy en cookies. Lees meer informatie.